Lidmaatschap RK Kerk

Al op mijn zesde verloor ik mijn geloof, toen mijn moeder me vertelde dat ongedoopte gestorven baby’tjes in het vagevuur komen, niet in de hemel. Ik kon dat niet in overeenstemming brengen met de Jezus van mijn kinderjaren, die namens zijn hemelse vader had verkondigd: “Laat de kinderen tot mij komen.” Voor mij is de Schepping een daad van liefde, maar wat de kerk van Rome ervan gemaakt heeft is kwetsend voor eenieder die zich ‘mens’ noemt.

Dat is mijn Kerk niet.

Ik deed de Heilige Communie, ontving het Vormsel en deed de Plechtige Communie, maar het was vooral omdat het erbij hoorde, niet vanuit een diep innerlijk weten. De volgende tien jaar bleef mijn verhouding tot de kerk een ongemakkelijke. Als opgroeiend meisje en jonge vrouw kon ik maar niet begrijpen waarom ik als vrouw een tweederangs lid van de Kerk was. Vooral met het elitaire priesterschap had ik grote moeite. Voorbehouden aan mannen! Ik wed dat het Vaticaan, als één van de 250 bij de Verenigde Naties aangesloten soevereine staten, de Universele Verklaring inzake de Rechten van de Mens heeft ondertekend, maar er wordt nog steeds geen uitvoering gegeven aan de gelijkheid tussen alle mensen. Is een vrouw misschien geen mens? In de tijd dat ik opgroeide mocht een vrouw niet eens op het altaar komen, laat staan misdienaar zijn of de communie uitdelen.

Dat kon mijn Kerk niet zijn.

Na een conflict op 16-jarige leeftijd met mijn ouders over de uitleg van het Evangelie ging ik niet meer naar de kerk. Ik trouwde, maar liet alleen het wettelijk huwelijk voltrekken. Mijn kinderen liet ik niet meer dopen. In huwelijkszaken zou ik beslist geen vertrouwen hebben gehad in een priester om me te adviseren. Juist door het celibaat is zo’n man niet de aangewezen persoon om over relaties te adviseren. Een werkelijk bespottelijke gedachte voor ieder weldenkend mens.

In die Kerk van onderdrukte verlangens en gevoelens voel ik me niet op mijn plaats.

Er kwamen steeds meer pijnpunten bij, met name over het standpunt van de Kerk inzake het gebruik van voorbehoedmiddelen en het verbod op het gebruik van condooms om aids te voorkomen. Deze kwamen van de ene na de andere uiterst conservatieve paus die met omstreden benoemingen van bisschoppen de verdwaalde en rebelse Nederlandse kerkprovincie weer in de greep van Rome probeerde te krijgen. Hoe kan de Kerk hoog houden dat God Liefde is? Als God Liefde is heeft hij de mens ook gezegend met de middelen om die allesomvattende Liefde zichtbaar te maken, kortom, om te voorkomen dat hele volksstammen door de aidspandemie vader- en moederloos worden (!) Ik zeg het nog maar eens duidelijk: “Laat de kinderen tot me komen.” Dat betekent toch zeker niet dat je die kinderen willens en wetens overlevert aan de grootst mogelijke ellende en het meest onmenselijke verdriet dat denkbaar is! En kom me niet aan met die eeuwige dooddoener: “God’s wegen zijn ondoorgrondelijk.”

Ik verzet me tegen een Kerk die me klein en onwetend wil houden, die op mij neer kijkt vanuit de elitaire ivoren toren, alsof alleen enkele devote priesters het Evangelie zouden kunnen snappen. Het verhaal van Jezus is een uiterst eenvoudig verhaal van liefde en acceptatie. De geschiedkundige ‘verkrachting’ van Maria Magdalena als belangrijkste discipel – en naar alle waarschijnlijkheid levensgezel van Jezus – krenkt me diep, tot in iedere vezel van mijn vrouw zijn.

De Kerk die aan dat eenvoudige verhaal van liefde en acceptatie een ingewikkelde en obscure uitleg wil geven is mijn Kerk niet.

Ook al omdat mensen uitgesloten worden van de Communie, waarin ik gevoelsmatig het woord ‘samen’ herken. Samen vieren is in mijn vocabulaire niet synoniem aan uitsluiten. Zou het niet vele malen liefdevoller zijn om homoseksuelen onvoorwaardelijk te accepteren, omdat ze – net als wij allen – als mens geboren zijn. De Schepping is divers, daarin is ruimte voor iedereen. Ik zou er niet aan moeten denken dat iedereen een kloon van mekaar is.

Uitsluiting past niet in mijn denk- en leefwereld. Daarom ook is het mijn Kerk niet meer.

Soms vlamde het nog even op, als een bisschop zei dat het voor een moeder oké is om een brood te stelen, omdat haar kinderen thuis honger lijden. Hulde aan dienaren van de Kerk die hun eigen geweten volgen. Maar die kleine vlammetjes van verzet in de Nederlandse kerkprovincie doofden al snel weer uit, of werden door Rome weggesaneerd.

Nu blijkt dat priesters – en nonnen misschien net zo goed – over de hele wereld de Evangelische boodschap: “Laat de kinderen tot me komen”, wel erg letterlijk hebben genomen. Walgelijk. Onderzoek zal ooit uitwijzen of het celibaat als oorzaak aangewezen moet worden, of dat het hierbij vooral om machtsmisbruik ging. Waarschijnlijk zal het een combinatie van die twee zijn.  Een Kerk die pretendeert er te zijn om de kwetsbaren te verdedigen, maar die zich openlijk al vele eeuwen lang ten koste van de zwakkeren heeft verrijkt en die zich in de afgelopen decennia in het geniep aan de meest kwetsbaren heeft vergrepen, is de mijne niet meer.

Vandaag heb ik mijn lidmaatschap van de Rooms-katholieke Kerk opgezegd.

Punt uit. Discussie gesloten.

Blog Categorieen